M.I. vraagt:

Met enkele andere PhD’s ben ik enkele jaren geleden een semiconductor startup begonnen als spin-out van onze technische universiteit. Onze technologie zal binnen diverse aantal draadloze standaarden tot een aanmerkelijke verlaging van het energieverbruik leiden en een veel betere performance. De prijzen zullen concurrerend zijn omdat wij in CMOS werken.

We praten al maanden met financiers voor onze serie A financiering en er is nog geen enkel resultaat bereikt. Ofschoon onze business case als zeer sterk wordt bestempeld, lukt het niet de investeerders over de streep te trekken. Als belangrijkste reden hiervoor vermoeden wij de handelsbeperkingen die de VS hebben opgelegd aan Iran, omdat enkele sleutelfiguren uit ons bedrijf een Iraanse achtergrond hebben. Onze IP is echter van Nederlandse origine en in Europa gepatenteerd. Er is geen enkel voordeel vor de Iraanse economie. Op verzoek van potentiële investeerders zijn alle mogelijke links met Iran geëlimineerd maar dit was nog niet genoeg in de ogen van het Nederlandse fonds.

Wij staan nu met de rug tegen de muur, want wij weten niet wat wij nog meer kunnen doen om aan de verlangens van de investeerders tegemoet te komen. Onze technologie staat overigens niet eens op de IP-lijst die onder het embargo valt, er zijn met name toepassingen op het terrein van (Industrial) IoT die ervan profiteren.

Onlangs zijn wij in contact gekomen met Chinese investeerders. Wij verwachten hier veel van: niet alleen is China een heel interessante afzetmarkt, bovendien hebben zij een grote investeringsbereidheid en beschikken zij over voldoende financiële middelen. Ik denk wel dat onze marktstrategie volkomen op de kop zal worden gezet indien de financiering doorgaat.

De headhunter antwoordt:

Ik acht de kans groot dat wel meer dan alleen jullie marktstrategie zal veranderen. Onlangs hoorde ik van een startup in een soortelijke situatie die als voorwaarde voor financiering kreeg de IP in te brengen in een holding in Hong Kong, terwijl in China een design team zou worden opgetuigd. De oprichters kregen in het voorstel een minderheidsaandeel en het zwaartepunt van de onderneming zou naar de andere kant van de wereld worden verplaatst. Een dergelijk scenario zouden de Nederlandse uitvinders de zeggenschap over hun bedrijf volledig kwijt zijn en bovendien compleet het zicht op de bedrijfsactiviteiten verliezen. Akkoord gaan met een dergelijke deal zou alleen maar betekenen dat het programma ‘Made in China 2025’ wordt gefaciliteerd.

Op zich is deze vorm van ‘financiering’ niet nieuw. Je ziet dit ook regelmatig bij overnames door Amerikaanse ondernemingen. In het begin verandert er dan niet veel na de overname, maar na de ‘kennistransfer’ wordt de Europese vestiging vaak gesloten.

Je kunt je afvragen of dit is wat je wil, maar in jullie situatie heb je eigenlijk niet veel keus. Aan de andere kant zijn jullie ook niet aan Nederland gebonden. Er is eigenlijk niets dat jullie ervan zou kunnen weerhouden in Azië een design center op te zetten en op een aanbod in te gaan – als het maar goed genoeg is.

Al met al is dit niet een situatie die in het belang is van de Nederlandse (Europese) kennisindustrie. Indien de uitvindingen die aan de technische universiteiten worden gedaan voor een appel en een ei in de uitverkoop worden gedaan omdat er in Nederland geen financiering voor te vinden is, dan vind ik dat heel bedroevend. Ik kan mij voorstellen dat de valorisatie instituten van universiteiten voortaan nog voorzichtiger zullen zijn dan voorheen wanneer hardware startups zich melden voor seed capital. Bij VC’s is dit al langer een trend, want High tech (incl. semiconductor, equipment en med-tech) heeft in vergelijking tot Software startups een significant grotere time to market, een grotere financieringsbehoefte en een hoog risico profiel. Daarom zijn er niet meer semiconductor startups in NL – niet vanwege het gebrek aan goede ideeën.

Tagged on: